Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van27 januari 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres(gemachtigde: H. van Zelst),
de heffingsambtenaar van belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, verweerder.
De bestreden uitspraak op bezwaar
Zitting
Beslissing
Overwegingen
(rondom de waardepeildatum verkocht voor € 435.000) en de [adres 1] [huisnummer 3] te [plaats]
(rondom de waardepeildatum verkocht voor € 392.500) goed vergelijkbare woningen die rondom de waardepeildatum zijn verkocht. De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat verweerder is uitgegaan van onjuiste inhoudsgegevens van deze vergelijkingsobjecten. Eiseres baseert die opvatting op de bij het verweerschrift gevoegde Vastgoedrapporten Woningen van iWOZ. Verweerder heeft verklaard dat hij de inhoud van de woningen aan de [adres 1] [huisnummer 2] en [huisnummer 3] te [plaats] in 2014 (opnieuw) aan de hand van de bouwtekening heeft ingemeten. Volgens de door verweerder overgelegde bouwtekening is conform de NEN2580-norm ingemeten. Eiseres heeft niet inzichtelijk gemaakt waarom de inhoudgegevens in de Vastgoedrapporten Woningen van iWOZ afwijken van de gegevens die verweerder hanteert. De rechtbank heeft ook in aanmerking genomen dat dit marktinformatie afkomstig uit de verkoopadvertenties voor de desbetreffende woningen betreft. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank de door hem tussen de transactiedata van de vergelijkingsobjecten en de waardepeildatum 1 januari 2019 gehanteerde indexeringspercentages onderbouwd en inzichtelijk gemaakt. Voorts is verweerder kennelijk van een lagere indexering uitgegaan.