ECLI:NL:RBDHA:2022:14051
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebreke stellen bij visumkortverblijf
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van 19 mei 2022 waarbij haar aanvraag voor een visum kort verblijf werd afgewezen. Nadat verweerder niet tijdig op het bezwaar had beslist, stelde eiseres verweerder op 4 oktober 2022 in gebreke. De rechtbank oordeelt dat deze ingebrekestelling prematuur was, omdat de beslistermijn op dat moment nog niet was verstreken.
Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een beroepschrift pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan schriftelijk in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken. Omdat eiseres dit niet heeft nageleefd, voldoet het beroep niet aan de formele vereisten.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager en griffier M.Ch. Grazell en is openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.