Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiseres] , eiseres
[A],
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een vrouw van Syrische nationaliteit, diende op 20 oktober 2020 een asielaanvraag in. Na een eerdere procedure waarin de staatssecretaris werd opgedragen tijdig te beslissen, wees deze op 23 mei 2022 de aanvraag af als kennelijk ongegrond. Eiseres stelde dat zij in Libanon, waar zij na Syrië verbleef, werd gediscrimineerd en bedreigd door Hezbollah, waardoor terugkeer onveilig zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris tijdig heeft besloten en dat Libanon in algemene zin bescherming biedt aan asielzoekers. De rechtbank vond dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij persoonlijk een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer, mede omdat zij jarenlang in Libanon heeft kunnen verblijven, werken en haar kinderen onderwijs konden volgen.
De verklaringen over discriminatie en bedreiging werden niet als zwaarwegend genoeg beoordeeld om haar als vluchteling aan te merken. Ook werd vastgesteld dat eiseres naast de Syrische ook de Libanese nationaliteit bezit en dat zij relevante informatie hierover had achtergehouden, wat mede tot afwijzing van haar aanvraag leidde. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen.