Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Beschikking van de kinderrechter
de Raad voor de Kinderbescherming, regio Haaglanden,
[minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2011 te [geboorteplaats01] ,
advocaat: mr. C.M.H. Revis, gevestigd te ’s-Gravenhage.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een verzoek tot ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor een minderjarige met ernstige gedragsproblemen en complexe ontwikkelingsstoornissen. De minderjarige vertoont onder meer LVB, autismespectrumstoornis, agressief gedrag en depressieve gevoelens, wat leidt tot een bovenmatige opvoedbehoefte.
De moeder is belast met het ouderlijk gezag maar is onvoldoende in staat om de noodzakelijke zorg te bieden. De minderjarige verblijft sinds september 2022 in een gesloten accommodatie waar intensieve 24-uurs begeleiding wordt geboden. Een thuisplaatsing is niet mogelijk vanwege de problematiek en veiligheidsrisico's.
De kinderrechter acht voortzetting van de ondertoezichtstelling voor twaalf maanden en de gesloten plaatsing voor zes maanden noodzakelijk. Dit om de veiligheid van de minderjarige en anderen te waarborgen en om een passende vervolgplek te vinden. Zowel de Raad voor de Kinderbescherming, de gecertificeerde instelling, de moeder als de minderjarige zelf stemmen in met het verzoek.
De beschikking is op 8 december 2022 mondeling gegeven en schriftelijk vastgesteld op 2 januari 2023. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak of betekening.
Uitkomst: De kinderrechter wijst het verzoek tot ondertoezichtstelling en machtiging tot gesloten uithuisplaatsing toe voor respectievelijk twaalf en zes maanden.