Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Liberiaanse vreemdeling, werd op 18 juli 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken en zijn uitzetting zou ontwijken. Eiser voerde aan dat hij in afwachting was van een voorlopige voorziening bij de Afdeling bestuursrechtspraak en daarom niet verplicht was mee te werken aan zijn uitzetting.
De rechtbank stelde vast dat eiser sinds 16 juni 2022 een vertrekplicht had opgelegd gekregen na afwijzing van zijn asielaanvraag en dat het instellen van hoger beroep of een verzoek om voorlopige voorziening deze vertrekplicht niet opschort. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende gronden had om de maatregel te nemen, waaronder het feit dat eiser niet van plan was aan zijn terugkeerverplichting te voldoen.
De stelling van eiser dat de maatregel prematuur was opgelegd, werd verworpen. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. De rechtbank concludeerde dat de maatregel rechtmatig was en dat het beroep ongegrond was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.