ECLI:NL:RBDHA:2022:14697
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens onvoldoende bewijs duurzame en exclusieve relatie
Eiseres, een Iraanse vrouw, vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan om bij haar partner in Nederland te verblijven. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres onvoldoende bewijs leverde van een duurzame en exclusieve relatie sinds 2017. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat zij geen verdere bewijsstukken kon overleggen en dat zij en haar partner gehoord hadden moeten worden.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht aannam dat de relatie niet voldoende duurzaam en exclusief was aangetoond. De overgelegde bewijsstukken, waaronder vier foto’s, een relatieverklaring, een ongehuwdverklaring en een summier ingevulde vragenlijst, waren onvoldoende. De rechtbank vond de stelling dat geen verdere bewijsstukken beschikbaar waren niet overtuigend en verweerder hoefde geen bewijsnood aan te nemen.
Ook werd geoordeeld dat verweerder niet verplicht was eiseres en haar partner te horen, omdat eiseres onvoldoende concrete inspanningen had verricht om meer bewijs te leveren en de redenen voor het ontbreken van bewijs onvoldoende concreet waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit bleef in stand en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.