Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter zitting
2.De tenlastelegging
- op 2 juli 2020 in Den Haag [slachtoffer 1] met een mes heeft gestoken en hem heeft bedreigd (
- in Den Haag op 30 juni 2020 een tram (
- op in Den Haag op 17 mei 2019 [slachtoffer 2] (
- op 30 juni 2021 [slachtoffer 4] , [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] samen met iemand anders heeft bedreigd (
- in de periode van 1 september tot en met 22 september 2021 in Den Haag [slachtoffer 7] heeft beledigd (
3.De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
09/281354-21) ten laste gelegde feit, omdat met betrekking tot dit feit een klacht door aangeefster ontbreekt in het dossier. Voor de overige dagvaardingen geldt dat de officier van justitie ontvankelijk
09/173978-20onder 1 primair en onder 2, dagvaarding
09/170087-20, dagvaarding
09/169259-20, dagvaarding
09/232359-19, dagvaarding
09/021676-21, dagvaarding
09/173557-21en dagvaarding
09/281354-21onder 2, 3 en 4 ten laste is gelegd wettig en overtuigend kan worden bewezen
5.Vrijspraak
09/281354-21feit 2 ten laste gelegde feit heeft begaan. De verdachte heeft met een bericht de vrienden van [slachtoffer 7] bedreigd. [slachtoffer 8] is een vriendin van [slachtoffer 7] en zij heeft dit bericht ook gelezen. [slachtoffer 8] verklaart zich hierdoor ernstig bedreigd te voelen.
6.Waardering van het bewijs
09/169259-20,
09/232359-19,
09/021676-21en
09/281354-21onder 3 en 4 tenlastegelegde kan zonder nadere motivering wettig en overtuigend bewezen worden verklaard. De bewezenverklaring volgt uit de bewijsmiddelen zoals opgenomen in bijlage II. Ten aanzien van deze feiten is door de verdediging geen vrijspraak bepleit, de rechtbank zal daarom volstaan met een opsomming.
09/281354-21onder 3 en 4 zal de rechtbank de periode aanpassen, omdat de onder 3 ten laste gelegde tekst is geplaatst op 19 september 2021 en de onder 4 geuite bedreiging heeft plaatsgevonden in de periode tussen 6 en 20 september 2021.
De verdachte heeft bij de politie voorts spontaan verklaard dat het ging om een nepwapen, een airsoft pistool (zwart met een beetje beschadiging waardoor je er zilver doorheen ziet) en wist dus kennelijk om wat voor wapen het ging en precies hoe het wapen eruit zag. De medeverdachte heeft in zijn verklaring geen details over het wapen gegeven en heeft verklaard niet te weten of het om een echt of een nepwapen ging.
Gelet op dit alles is de rechtbank van oordeel is dat de verdachte diegene is geweest die het (nep) vuurwapen heeft gehad en het tegen het hoofd van slachtoffer [slachtoffer 6] heeft gehouden.
7.De bewezenverklaring
09/173978-201 primair en 2,
09/170087-20,
09/169259-20,
09/232359-19,
09/021676-21,
09/173557-21en
09/281354-213 en 4 tenlastegelegde heeft begaan. De bewezenverklaring is opgenomen in bijlage III.
8.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte
9.De straf en/of maatregel
10.De vorderingen van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
09/281354-21feit 1 ten laste gelegde. Het overige deel van de vordering zal de rechtbank niet-ontvankelijk verklaren nu voor dit deel de nadere onderbouwing ontbreekt.
11.De toepasselijke wetsartikelen
12.Bijlagen
13.De beslissing
09/281354-21tenlastegelegde;
09/281654-21tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
09/173978-20onder 1 primair en onder 2, dagvaarding
09/170087-20, dagvaarding
09/169259-20, dagvaarding
09/232359-19, dagvaarding
09/021676-21, dagvaarding
09/173557-21en dagvaarding
09/281354-21onder 3 en 4 tenlastegelegde heeft begaan, zoals in bijlage III is omschreven;
240 dagen
180 dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd, zulks onder de algemene voorwaarde, dat de verdachte zich voor het einde van de hierbij op
2 jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
* [slachtoffer 9] en
* [slachtoffer 7] ,
zo lang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;
Aangezien hij precies voldeed aan het signalement van één van de verdachten, merkte ik hem aan als verdachte. De verdachte bleek te zijn: [verdachte] geboren op [geboortedatum] .
Het proces-verbaal van bevindingen nummer PL1500-2021188284-22 (pagina 63 plus bijlage p. 64 – 68), inhoudende als verklaring van [verbalisant 2] :
Ten behoeve van het onderzoek heb ik van de [verdachte] diverse foto’s gemaakt van zijn kledingdracht. De kleding die de verdachte droeg, droeg hij tijdens zijn aanhouding op woensdag 1 juli 2021. De foto’s zijn als bijlage gevoegd.
Het proces-verbaal van de politie nummer PL 1500-2021188284-24, p.43 – 51 (inclusief foto’s), inhoudende als verklaring van de verdachte:
Het wapen was geen echt vuurwapen. Het was een Airsoft pistool.V:Hoe ziet dat Airsoft wapen eruit?A: Waarvan ik weet, een zwarte met een beetje beschadiging, Daardoor zie je er zilver doorheen.
toebehorendeaan de Haagse Tramweg Maatschappij heeft beschadigd.
toebehorendeaan Gemeente 's-Gravenhage heeft beschadigd.
doordie [slachtoffer 2] eenmaal (met kracht) in het gezicht te stompen.
op 19september 2021 te 's-Gravenhage [slachtoffer 9] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door op zijn Snapchataccount de volgende tekst te plaatsen:
6tot en met
20september 2021 te 's-Gravenhage [slachtoffer 7] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,