ECLI:NL:RBDHA:2022:14777
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Portugal
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Portugal volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Verweerder stuurde een overnameverzoek naar Portugal dat werd geaccepteerd.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Portugal niet meer geldt vanwege gebrekkige toegang tot rechtsbijstand, risico op onmenselijke behandeling en detentie. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van een zodanige systematische tekortkoming in Portugal die het vertrouwensbeginsel zou doorbreken, mede gelet op het AIDA rapport 2020.
Daarnaast stelde eiser dat zijn overdracht aan Portugal een inbreuk vormt op zijn vrijheid van godsdienst, omdat hij het Ahmadiyya-geloof belijdt en in Nederland een geloofsgemeenschap heeft. De rechtbank vond echter geen bijzondere omstandigheden die een uitzondering op de overdracht rechtvaardigen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht geen toepassing gaf aan de hardheidsclausule van artikel 17 Dublinverordening Pro en verklaarde het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.