ECLI:NL:RBDHA:2022:14883
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Frankrijk
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft dit verzoek niet in behandeling genomen op grond van de Dublin-verordening, omdat Frankrijk verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 27 september 2022 behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet zijn verschenen.
Gezien de uitspraak op het beroep in de gerelateerde zaak is de voorlopige voorziening niet meer nodig en wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter L.A. Banga en griffier T.R. Oosterhoff - Vos op 7 oktober 2022.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.