ECLI:NL:RBDHA:2022:14889
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verrekening persoonsgebonden aftrek wegens termijnoverschrijding en visuele beperking
Eiser heeft verzocht om rekening te houden met de persoonsgebonden aftrek (PGA) voor de jaren 2010, 2011 en 2012, nadat deze verzoeken buiten de wettelijke vijfjaarstermijn waren ingediend. Voor het jaar 2016 is het restant PGA juist vastgesteld. De inspecteur heeft het verzoek voor de jaren 2010 tot en met 2012 afgewezen wegens verjaring.
Eiser voerde aan dat zijn bijna blindheid en het gebrek aan adequate hulp van instanties hem verhinderden om tijdig de verzoeken in te dienen. De rechtbank oordeelde echter dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij redelijkerwijs niet in verzuim was. Er is geen bewijs dat hij daadwerkelijk niet in staat was om binnen de termijn een verzoek in te dienen of de juiste hulp te zoeken.
De rechtbank concludeerde dat het te late verzoek voor de jaren 2010 tot en met 2012 voor rekening en risico van eiser komt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Voor het jaar 2016 is het restant PGA correct vastgesteld. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens termijnoverschrijding en onvoldoende aannemelijkheid van verschoonbaarheid door visuele beperking.