Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende vreemdeling, kreeg op 10 oktober 2022 een maatregel van bewaring opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd gerechtvaardigd vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou ontwijken.
Eiser stelde beroep in tegen deze maatregel en voerde onder meer aan dat een lichtere maatregel, zoals een meldplicht, passend zou zijn geweest en dat hij zijn vertrek zelfstandig kon regelen. Tevens betwistte hij enkele gronden waarop de maatregel was gebaseerd, waaronder de aannemelijkheid van zijn relatie met een vriendin in België.
De rechtbank oordeelde dat de niet betwiste gronden voldoende waren om de maatregel te dragen en dat het risico op onttrekking aan toezicht reëel was. De rechtbank verwierp het verweer dat een lichtere maatregel volstond en stelde vast dat de relatie met de vriendin niet aannemelijk was gemaakt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.