Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Belarussische nationaliteit, werd op 31 oktober 2022 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht volgens de Dublinverordening en het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser betwistte de gronden voor de bewaring niet, maar stelde dat de overheid tijdens zijn voorafgaande strafrechtelijke detentie (17-31 oktober 2022) al had moeten starten met overdrachtsmaatregelen. De rechtbank oordeelde dat gezien de korte duur van de strafrechtelijke detentie verweerder zijn inspanningsverplichting niet had geschonden.
Verder handelde de overheid voortvarend na de inbewaringstelling door binnen enkele dagen vertrekhandelingen te verrichten, waaronder een vertrekgesprek en het verzenden van een claimverzoek aan de Belgische autoriteiten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.