ECLI:NL:RBDHA:2022:15900
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. Willems - Keekstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging inreisverbod bij afwijzing verblijfsvergunning familie en gezin
Eiseres, sinds 2016 in Nederland en voormalig slachtoffer van mensenhandel, verzocht om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel familie en gezin. De staatssecretaris wees de aanvraag af vanwege het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf en het ontbreken van een objectieve belemmering om het gezinsleven in Rusland voort te zetten.
De rechtbank oordeelde dat de belangenafweging van de staatssecretaris, waarbij het gezinsleven in Nederland werd meegewogen ondanks het ontbreken van rechtmatig verblijf, terecht was. Ook mocht de staatssecretaris het gebruik van een valse identiteit in het nadeel van eiseres meewegen. De financiële situatie van de referent en het ontbreken van een objectieve belemmering voor gezinsleven in Rusland werden eveneens terecht betrokken.
Wel werd geoordeeld dat het opgelegde inreisverbod onvoldoende was gemotiveerd. De staatssecretaris verwees slechts summier naar belangenafwegingen zonder specifieke rechtvaardiging voor het niet afzien van het inreisverbod. Daarom werd het besluit tot het opleggen van het inreisverbod vernietigd, terwijl het beroep op de overige punten werd afgewezen.
Uitkomst: Het inreisverbod wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, het beroep op de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt afgewezen.