ECLI:NL:RBDHA:2022:15921
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in bestuursrechtelijke zaak
Verzoeker is op 13 mei 2022 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Nadat het beroep was ingesteld, heeft verweerder alsnog op 25 mei 2022 een beslissing genomen. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht de rechtbank om verweerder te veroordelen tot vergoeding van zijn proceskosten.
De rechtbank overweegt dat verweerder de beslistermijn heeft overschreden en dat verzoeker daarom recht heeft op een vergoeding van proceskosten. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener heeft ingeschakeld, geldt een vast bedrag volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. Vanwege de beperkte aard van het geschil wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 379,50 aan proceskosten aan verzoeker. Er zijn geen andere kosten vastgesteld die vergoed kunnen worden. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier W. van Brakel op 18 november 2022.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 379,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.