ECLI:NL:RBDHA:2022:15925
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in vreemdelingenzaak
Verzoeker is op 21 mei 2022 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op zijn aanvraag. Nadat verzoeker het beroep had ingesteld, heeft verweerder alsnog op 14 juli 2022 een beslissing genomen. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht de rechtbank om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat verweerder de beslistermijn heeft overschreden en dat verzoeker daarom recht heeft op een vergoeding van de proceskosten. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener heeft ingeschakeld, geldt een vast bedrag. Vanwege de beperkte aard van de procedure en het feit dat het alleen ging om de overschrijding van de beslistermijn, wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van een bedrag van €379,50 aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eversteijn en bekendgemaakt op 30 november 2022. Er is geen zitting gehouden omdat dat niet noodzakelijk werd geacht.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €379,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.