Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
- verzoeker;
- de rechter;
- de wederpartijen in de hoofdzaak:
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag heeft op 22 december 2022 uitspraak gedaan over het tweede wrakingsverzoek van verzoeker tegen mr. T.F. Hesselink, rechter in de hoofdzaak C/09/616945. Verzoeker diende het wrakingsverzoek in zonder tussenkomst van een advocaat, terwijl in de hoofdzaak verplichte procesvertegenwoordiging geldt. Dit was ook al reden voor niet-ontvankelijkheid van het eerste wrakingsverzoek op 11 juli 2022.
Tijdens de mondelinge behandeling op 1 december 2022 diende verzoeker opnieuw een wrakingsverzoek in met acht gronden. De wrakingskamer wees verzoeker er op dat het verzoek schriftelijk of mondeling alleen door een advocaat kan worden ingediend. Verzoeker gaf aan geen advocaat te kunnen of willen inschakelen vanwege kosten en tijd.
De wrakingskamer oordeelde dat verzoeker niet-ontvankelijk is omdat hij het verzuim niet heeft hersteld ondanks herhaalde kansen. Het tweede wrakingsverzoek leidde tot onredelijke vertraging en misbruik van het wrakingsmiddel. Daarom wordt bepaald dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen en wordt de hoofdzaak voortgezet in de stand van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen.