Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
- verzoekster;
- de partijen in de hoofdzaak ( [eiser] en Shell International Exploration and Production B.V.;
- de rechter.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, echtgenote van eiser in de hoofdzaak tegen Shell International Exploration and Production B.V., diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die de hoofdzaak behandelt. Zij had eerder geprobeerd als voegende of tussenkomende partij in de hoofdzaak te worden toegelaten, maar was bij vonnis van 30 juni 2022 niet-ontvankelijk verklaard in die vordering.
Verzoekster stelde dat de rechter partijdig was vanwege het niet schorsen van de bodemprocedure ondanks haar hoger beroep tegen het vonnis dat haar niet-ontvankelijkheid bevestigde. De wrakingskamer oordeelde dat wraking alleen openstaat voor procesdeelnemers, en verzoekster is geen partij in de hoofdzaak omdat haar vordering tot voeging of tussenkomst niet-ontvankelijk is verklaard.
Daarom is het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en wordt het niet inhoudelijk behandeld. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond bij indiening van het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat verzoekster geen procespartij is in de hoofdzaak.