ECLI:NL:RBDHA:2022:1631
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvragen
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van 1 juli 2021 waarbij hun asielaanvragen niet-ontvankelijk zijn verklaard door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Tevens hebben zij een voorlopige voorziening gevraagd om de gevolgen van deze besluiten te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Gezien het feit dat de bodemzaken niet-ontvankelijk zijn verklaard, ziet de voorzieningenrechter geen grond om de voorlopige voorziening toe te wijzen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvragen is afgewezen.