ECLI:NL:RBDHA:2022:1705
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag wegens ontbreken meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie
Eiseres, een Syrische vrouw woonachtig in Saoedi-Arabië, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland als familie- of gezinslid bij haar zoon, die in Nederland woont. Verweerder wees de aanvraag af omdat niet was aangetoond dat er sprake was van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie, een vereiste voor beschermenswaardig familieleven onder artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank stelde vast dat eiseres haar gestelde afhankelijkheidsrelatie onvoldoende had onderbouwd. Uit een gelijktijdige visumprocedure bleek dat eiseres een geldige verblijfsvergunning in Saoedi-Arabië heeft, met een woning, bankrekening en zorgverzekering. Dit ondermijnt het argument dat zij niet zelfstandig in Saoedi-Arabië kan verblijven.
Eiseres voerde aan dat zij financieel en medisch afhankelijk is van haar zoon en dat zij geen toegang heeft tot voorzieningen in Saoedi-Arabië. De rechtbank vond echter dat verweerder terecht had geoordeeld dat deze omstandigheden onvoldoende bewijs boden voor een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie. Ook de emotionele band en mantelzorgbehoefte waren niet voldoende om het beschermenswaardig gezinsleven aan te nemen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder de aanvraag mocht afwijzen en dat het beroep ongegrond is. Er is ruimte voor een nieuwe aanvraag bij gewijzigde omstandigheden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de mvv-aanvraag wegens ontbreken van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie.