Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[Naam], verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Beslissing
Overwegingen
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 22 november 2021 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 13 januari 2022 in Middelburg, waarbij verzoeker, zijn gemachtigde en de verweerder niet zijn verschenen ondanks voorafgaande berichtgeving. Na de zitting is ter plekke uitspraak gedaan.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat op dezelfde dag uitspraak is gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL21.18253), waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op dezelfde dag uitspraak is gedaan in het hoofdberoep.