Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
van1 maart 2019 tot
1 juni202
te 's-Gravenhage ontucht heeft gepleegd met de aan zijn opleiding toevertrouwde minderjarige [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] , door
telaten betasten bij zijn penis.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
De verdachte heeft door zo te handelen geen enkel verantwoordelijkheidsbesef getoond en geen rekening gehouden met de volstrekt ongelijkwaardige verhouding tussen hem en het slachtoffer. In de eerste plaats bestond er een afhankelijkheidsrelatie van de leerlinge ten opzichte van hem als docent en in de tweede plaats was er een scheve verhouding als gevolg van het aanzienlijke leeftijdsverschil van veertig jaren.
Hoewel de handelingen met instemming van het slachtoffer hebben plaatsgevonden, is het gebeurde maatschappelijk onaanvaardbaar en schadelijk voor het emotionele welzijn en de (seksuele) ontwikkeling van het slachtoffer. Dit laatste blijkt ook uit de door haar opgestelde slachtofferverklaring.
7.De toepasselijke wetsartikelen
8. De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
20 (twintig) WEKEN;
18 (achttien) WEKEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
drie jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstrafvoor de tijd van
240 (tweehonderdveertig) UREN;
120 (honderdtwintig) DAGEN;
5 (vijf) jaren.
V: Wat was [verdachte] zijn functie op school?
U vraagt wat er is gebeurd tijdens de afspraken. We hebben gewandeld en gepraat.