ECLI:NL:RBDHA:2022:2940
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na medische beoordeling en functieduiding
Eiser was sinds 2012 werkzaam als chauffeur en meldde zich in 2017 ziek door klachten na een auto-ongeval. Na een WIA-beoordeling werd vastgesteld dat hij met geduide functies meer dan 65% van zijn loon kon verdienen, waarop zijn aanvraag werd afgewezen. In 2019 meldde eiser zich opnieuw ziek en kreeg een Ziektewetuitkering toegekend, die per 14 augustus 2020 werd beëindigd door verweerder.
Eiser voerde aan dat zijn klachten waren toegenomen en dat ook psychische klachten en corona-gerelateerde beperkingen niet waren meegenomen. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek, uitgevoerd door verzekeringsartsen, zorgvuldig en begrijpelijk was en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn situatie was verslechterd ten opzichte van de WIA-beoordeling.
De geduide functies bleken passend binnen de belastbaarheid van eiser en het niet onderzoeken van corona-proof uitvoerbaarheid van deze functies leidde niet tot een ander oordeel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt ongegrond verklaard.