ECLI:NL:RBDHA:2022:336
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure werd afgewezen als ongegrond. Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat hij het beroep in Nederland kon afwachten met gebruikmaking van opvangvoorzieningen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 23 december 2021. Bij uitspraak in die gerelateerde zaak werd het beroep waarop dit verzoek betrekking had ongegrond verklaard. Op basis daarvan wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter W. Anker en griffier A.S. Hamans en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.