ECLI:NL:RBDHA:2022:3549
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens reeds beslist beroep in vreemdelingenzaak
Verzoekers hebben een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen. Tegen deze primaire besluiten hebben verzoekers bezwaar gemaakt, dat niet-ontvankelijk werd verklaard. Vervolgens hebben zij beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter werd verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Echter, op de dag van de uitspraak had de rechtbank reeds de beroepen van verzoekers ongegrond verklaard, waardoor er geen lopende bezwaar- of beroepsprocedure meer was.
Op grond hiervan verklaarde de voorzieningenrechter de verzoeken om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2022.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening worden niet-ontvankelijk verklaard omdat de rechtbank reeds op het beroep heeft beslist.