ECLI:NL:RBDHA:2022:3828
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Loonsanctie onterecht opgelegd wegens bijzondere omstandigheden re-integratie werknemer met medische oorzaak
Eiseres, Coöperatieve Koninklijke Nederlandse Bloembollencentrale, kreeg van het UWV een loonsanctie opgelegd omdat zij onvoldoende re-integratie-inspanningen zou hebben verricht voor een werknemer die sinds 2017 ziek was. De werknemer functioneerde niet goed, wat aanvankelijk niet als medisch werd gezien. Pas eind 2019 werd vastgesteld dat de werknemer leed aan Alzheimer, waardoor het disfunctioneren een medische oorzaak had.
Eiseres had diverse onderzoeken en begeleiding ingezet en had zelfs een beëindigingsovereenkomst getekend, die later werd vernietigd toen de medische oorzaak bekend werd. De rechtbank oordeelt dat het onredelijk is om van eiseres te verlangen dat zij re-integratie-inspanningen verrichtte voordat de medische oorzaak bekend was, en dat het UWV ten onrechte de loonsanctie oplegde.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, waarbij zij zelf in de zaak voorziet. Tevens veroordeelt zij het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt dat in gevallen met een onbekende medische oorzaak het opleggen van een loonsanctie niet passend is.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit omdat de loonsanctie ten onrechte is opgelegd.