ECLI:NL:RBDHA:2022:4072
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen terugvordering nabetaling OVW-periodieken na functiewijziging
Eiseres, werkzaam bij de politie, kreeg bij functiewijziging per 12 oktober 2017 de functie van Bedrijfsvoering Specialist A toegewezen, een functie zonder recht op OVW-periodieken. Verweerder kende haar OVW-periodieken toe en betaalde deze vanaf januari 2012 na. Later corrigeerde verweerder dit en vorderde een bedrag van €6.476,53 netto terug wegens een te hoge inschaling vanaf december 2017.
Eiseres stelde dat de terugvordering onterecht was omdat het geen evidente fout betrof en verweerder pas na drie maanden terugkwam op het besluit. De rechtbank overwoog dat eiseres op basis van de documenten had kunnen weten dat de nabetaling vanaf december 2017 te hoog was, mede omdat haar functie geen recht gaf op OVW-periodieken en zij een hogere salarisschaal ontving dan waarop de nabetaling was gebaseerd.
De rechtbank achtte het redelijk dat eiseres alert was op haar bezoldiging en concludeerde dat verweerder het foutieve besluit op goede gronden en tijdig had hersteld. Er was geen sprake van strijd met het rechtszekerheidsbeginsel of andere rechtsregels. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van te veel betaalde OVW-periodieken wordt ongegrond verklaard.