ECLI:NL:RBDHA:2022:4284
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van ongeloofwaardigheid geaardheid en documenten
Eiser, een Nigeriaanse man, verzocht asiel op basis van vrees voor vervolging vanwege de biseksualiteit van zijn echtgenote en een incident met zijn neef. Verweerder wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het asielrelaas en twijfels over de authenticiteit van de overgelegde documenten.
Eiser betoogde dat het gehoor onzorgvuldig was, dat de tolk onvoldoende functioneerde en dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de echtheid van documenten, mede gezien het tegenadvies van het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau (NFO). Daarnaast wees hij op de asielstatus van zijn echtgenote in Canada.
De rechtbank oordeelde dat het gehoor zorgvuldig was, de tolk adequaat functioneerde en verweerder zijn actieve onderzoeksplicht had nageleefd. Het NFO-rapport bood geen doorslaggevende aanwijzingen voor authenticiteit. De rechtbank vond de vrees van eiser niet aannemelijk en bevestigde de afwijzing van de asielaanvraag.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.