ECLI:NL:RBDHA:2022:4555
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring en ongegrondheid beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod
Eiseres, een Braziliaanse nationaliteit houdende vrouw, werd geconfronteerd met een maatregel van bewaring en een terugkeerbesluit met een inreisverbod van twee jaar opgelegd door verweerder op grond van de Vreemdelingenwet 2000.
Eiseres stelde beroep in tegen zowel de maatregel van bewaring als het terugkeerbesluit en het inreisverbod. De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het terugkeerbesluit prematuur was bij indiening omdat het besluit toen nog niet schriftelijk was, maar dat niet-ontvankelijkverklaring achterwege moest blijven omdat eiseres redelijkerwijs kon aannemen dat het besluit al genomen was.
De rechtbank stelde vast dat het terugkeerbesluit zijn werking had verloren doordat eiseres al was vertrokken, waardoor zij geen belang meer had bij het beroep tegen dat besluit. Daarom werd het beroep tegen het terugkeerbesluit niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.
Het beroep tegen het inreisverbod werd inhoudelijk beoordeeld, maar omdat geen beroepsgronden waren aangevoerd, werd dit beroep ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het inreisverbod is ongegrond verklaard.