Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 9 juni 2021 in de verlengde procedure als kennelijk ongegrond is afgewezen. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening op 14 april 2022 tijdens een zitting in Breda behandeld, waarbij verzoeker werd bijgestaan door een gemachtigde en een tolk aanwezig was. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Gezien de uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL21.9495) op dezelfde dag, acht de voorzieningenrechter het treffen van een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter W. Anker en griffier A.J.J. Sterks en is geanonimiseerd gepubliceerd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is beslist.