ECLI:NL:RBDHA:2022:4885
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep Ziektewet-uitkering
Eiseres had bezwaar gemaakt tegen het besluit van verweerder om haar vanaf 7 mei 2020 geen recht meer te geven op een Ziektewet-uitkering. Na een ongegrondverklaring van haar bezwaar door verweerder, stelde eiseres beroep in bij de rechtbank Den Haag. Tijdens de zitting op 15 februari 2022 werd het onderzoek geschorst om verweerder in de gelegenheid te stellen nadere informatie te verstrekken.
Op 9 maart 2022 ontving de rechtbank een nieuw besluit op bezwaar van verweerder, waarin hij geheel tegemoet kwam aan het beroep van eiseres. Hierop trok eiseres haar beroep bij brief van 29 maart 2022 in en verzocht om vergoeding van haar proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder op grond van artikel 8:75a Awb geheel aan het beroep tegemoet was gekomen, waardoor proceskostenveroordeling gerechtvaardigd was. De proceskosten werden vastgesteld op €1.518,- voor rechtsbijstand en €48,- griffierecht, die door verweerder vergoed moeten worden.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres na intrekking beroep wegens tegemoetkoming.