Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], verzoekster
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
zevenhonderdnegenenvijftig euro).
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een verblijfsvergunning voor het verblijfsdoel 'medische behandeling'. Na afwijzing van het bezwaar heeft zij beroep ingesteld bij de rechtbank. Tegelijkertijd verzocht zij om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overweegt dat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak waarop het verzoek om voorlopige voorziening betrekking heeft. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen als kennelijk ongegrond.
Gezien de uitkomst van de hoofdzaak wordt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid veroordeeld tot vergoeding van het door verzoekster betaalde griffierecht en de proceskosten, vastgesteld op € 759. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.