Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam], verzoeker V-nummer: [nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 759,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn opvolgende asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublin-verordening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met de bodemzaak behandeld. De bodemzaak is gegrond verklaard, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Dit betekent dat de voorlopige voorziening niet wordt toegekend omdat de hoofdzaak al in het voordeel van verzoeker is beslist.
Daarnaast is verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op €759,-, voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.