ECLI:NL:RBDHA:2022:506
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek bij Ziektewetuitkering
Eiser, voormalig bezorger, vroeg een Ziektewetuitkering aan die door het UWV werd afgewezen omdat hij volgens een eerstejaars beoordeling geschikt werd geacht voor passend werk. Eiser maakte bezwaar en beroep tegen deze afwijzing, stellende dat de verzekeringsarts hem niet fysiek had onderzocht en onvoldoende informatie had ingewonnen.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was omdat zowel in de primaire als in de bezwaarfase geen fysiek spreekuur heeft plaatsgevonden, terwijl dit volgens jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep vereist is. Ook ontbrak een motivering waarom hiervan werd afgezien.
De rechtbank stelt vast dat het UWV het gebrek kan herstellen door alsnog een fysiek onderzoek te laten plaatsvinden en geeft daarvoor een termijn. Tot die tijd wordt de zaak aangehouden en wordt geen beslissing genomen over de hoofdzaak of proceskosten. Tegen deze tussenuitspraak staat geen direct hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank constateert een zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek en geeft het UWV de gelegenheid dit te herstellen door een fysiek onderzoek.