ECLI:NL:RBDHA:2022:5345
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs onveiligheid Tunesië als veilig land van herkomst
Eiser, een Tunesische nationaliteit dragende persoon, diende een asielaanvraag in wegens vrees voor vervolging vanwege zijn bekering tot het christendom en evangelisatiewerk. Hij stelde dat hij bedreigd werd door terroristen en zijn radicaal-islamitische familie, en dat Tunesische autoriteiten hem onvoldoende bescherming bieden.
De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, stellende dat Tunesië een veilig land van herkomst is en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk gevaar loopt. De rechtbank bevestigde deze beoordeling en verwees naar recente ambtsberichten en Kamerbrieven die de aanwijzing van Tunesië als veilig land ondersteunen.
De rechtbank oordeelde dat eiser gedurende jaren zonder wezenlijke problemen zijn geloof kon belijden en dat er geen bewijs is dat hij niet kan terugkeren of dat de autoriteiten hem niet kunnen beschermen. Ook de verwijzingen naar eerdere jurisprudentie en rapporten konden het oordeel niet wijzigen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag terecht afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag omdat Tunesië als veilig land van herkomst geldt en eiser onvoldoende persoonlijke bescherming nodig heeft.