Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep van eiser tegen een maatregel van bewaring opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De bewaring werd opgeheven vanwege de uitzetting van eiser, waardoor de rechtbank zich beperkte tot de vraag of de bewaring onrechtmatig was en of schadevergoeding toegekend moest worden.
Eiser stelde dat de staandehouding onrechtmatig was omdat er geen redelijk vermoeden van illegaal verblijf zou zijn en dat een lichter middel had moeten worden toegepast. De rechtbank oordeelde dat het proces-verbaal van staandehouding aanwezig was en dat de informatie uit een politiecontrole van drieënhalve week eerder voldoende actueel was voor het vermoeden van illegaal verblijf. Ook was er een risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken, waardoor een lichter middel niet toereikend was.
Verder faalden de bezwaren van eiser dat hij via het IOM zelfstandig mocht vertrekken en dat hij onterecht niet op de hoogte was gesteld van zijn gedwongen terugkeer. De rechtbank concludeerde dat verweerder de juiste procedure had gevolgd en dat het beroep ongegrond was. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.