ECLI:NL:RBDHA:2022:5438
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wegens ernstig psychisch nadeel
De officier van justitie verzocht op 4 maart 2022 om voortzetting van een eerder opgelegde crisismaatregel voor betrokkene, een vrouw met een schizofrene stoornis en katatonie, die verblijft in een zorgaccommodatie. De mondelinge behandeling vond plaats op 7 maart 2022 via Skype vanwege COVID-19 maatregelen.
De advocaat voerde aan dat er geen nieuw feit (novum) was om een tweede voortzetting toe te staan, aangezien het toestandsbeeld niet was verbeterd en er geen communicatie mogelijk was met betrokkene. De arts stelde dat het toestandsbeeld sinds de vorige machtiging sterk was verslechterd, betrokkene niet meer communiceert, slecht eet en drinkt, en dat medicatie niet effectief is, waardoor een ECT-behandeling wordt overwogen. De situatie is levensbedreigend en vereist 24-uurs cameratoezicht.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder levensgevaar, ernstige psychische schade en verwaarlozing. Er is een novum doordat betrokkene mutistisch is geworden en niet meer communiceert, wat een verslechtering betekent ten opzichte van de eerdere situatie. De rechtbank verwierp het verweer van de advocaat en stelde dat voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk is, met een geldigheidsduur van drie weken. De beschikking werd op 7 maart 2022 uitgesproken en schriftelijk vastgesteld op 29 maart 2022.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken wegens een novum door verslechtering van het toestandsbeeld.