ECLI:NL:RBDHA:2022:5470
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf wegens psychogeriatrische aandoening
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een machtiging voor opname en verblijf van een cliënt met een psychogeriatrische aandoening, vermoedelijk Alzheimer, voor de duur van zes maanden. De cliënt verzette zich tegen opname en wilde thuis blijven wonen. Een onafhankelijke arts stelde dat er nog alternatieven waren, maar de casemanager, dochter en buurman meldden ernstige zorgen over de veiligheid en het welzijn van de cliënt.
De cliënt vertoonde ernstig dwaalgedrag, was gedesoriënteerd, verloor gewicht door onvoldoende eten, en kon niet zelfstandig haar woning betreden. De mantelzorger was overbelast en de dagbesteding bood geen passend resultaat. Hoewel de onafhankelijke arts twijfels had, concludeerde de rechtbank op basis van aanvullende informatie dat de alternatieven uitgeput waren en opname noodzakelijk was om ernstig nadeel te voorkomen.
De rechtbank oordeelde dat de criteria voor een rechterlijke machtiging op grond van de Wet zorg en dwang waren vervuld en verleende de machtiging voor zes maanden. De beschikking werd uitgesproken op 25 mei 2022 en schriftelijk vastgesteld op 7 juni 2022.
Uitkomst: Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden verleend wegens ernstig nadeel en onvoldoende alternatieven.