ECLI:NL:RBDHA:2022:5815
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WGA-loonaanvullingsuitkering en urenbeperking bij ME-patiënt
Eiser, voormalig docent godsdienst, is sinds 2010 arbeidsongeschikt door psychische klachten en de ziekte ME. Na een eerdere vaststelling van 80-100% arbeidsongeschiktheid met een urenbeperking van 10 uur per week, vond in 2020 een herbeoordeling plaats. De verzekeringsarts concludeerde een verbetering van de belastbaarheid en stelde een urenbeperking vast van 6-7 uur per dag (30-32 uur per week), wat leidde tot een arbeidsongeschiktheidspercentage van 77,13%.
Verweerder handhaafde dit besluit na bezwaar en beroep, gesteund door een verzekeringsarts b&b en een arbeidsdeskundige b&b. Eiser betwistte dit en voerde aan dat het medisch onderzoek onvoldoende was en dat zijn beperkingen nog steeds volledig waren. De rechtbank oordeelde dat de medische rapporten zorgvuldig, eenduidig en begrijpelijk waren en dat de verzekeringsartsen de beperkingen adequaat hadden vastgesteld.
De rechtbank stelde dat alleen medisch objectiveerbare beperkingen van belang zijn en dat de verbeterde belastbaarheid en aangepaste urenbeperking gerechtvaardigd zijn. Ook de door arbeidsdeskundigen geduide functies passen binnen de belastbaarheid van eiser. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de WGA-loonaanvullingsuitkering blijft ongewijzigd tot 30 november 2022.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot vaststelling van arbeidsongeschiktheid en WGA-uitkering wordt ongegrond verklaard.