ECLI:NL:RBDHA:2022:5842
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep mvv-aanvraag na inreis in Nederland
Eiseres, van Syrische nationaliteit, had een mvv-aanvraag ingediend in het kader van nareis, welke bij besluit van 6 september 2018 werd afgewezen. Na het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar, stelde zij op 6 januari 2020 beroep in tegen deze beslissing. De rechtbank behandelde het beroep op 30 september 2021.
Tijdens de procedure reisde eiseres op eigen initiatief naar Nederland en diende hier een asielaanvraag in. Dit leidde tot een verzoek tot heropening van het onderzoek, dat op 22 december 2021 werd ingewilligd. Verweerder zag geen aanleiding tot een ander standpunt.
De rechtbank oordeelt dat eiseres geen procesbelang meer heeft bij het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit, nu er inmiddels een besluit op bezwaar is genomen. Tevens is er geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag, omdat eiseres in Nederland is ingereisd. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank veroordeelt verweerder wel tot vergoeding van een deel van de proceskosten, omdat het beroep destijds terecht is ingesteld vanwege de overschrijding van de beslistermijn, welke door verweerder is erkend.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat zij inmiddels in Nederland is ingereisd en geen belang meer heeft bij de procedure.