ECLI:NL:RBDHA:2022:6081
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2015
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over 2015, waarin zij stelt dat er onterecht een lager bedrag aan loonheffingen is gehanteerd en dat zij recht heeft op de jonggehandicaptenkorting. De Belastingdienst baseerde de aanslag op het renseignement met een loon van €6.769 en ingehouden loonheffingen van €27, terwijl eiseres aangaf een hoger inkomen en loonheffingen te hebben.
De rechtbank oordeelt dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat het loon of de loonheffingen hoger zijn dan door de Belastingdienst vastgesteld. Ook heeft zij niet bewezen dat zij recht heeft op de jonggehandicaptenkorting, aangezien zij niet heeft onderbouwd dat zij voldoet aan de voorwaarden van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
Daarnaast kan eiseres geen beroep doen op het vertrouwensbeginsel ten aanzien van uitlatingen van een derde die haar aangifte heeft verzorgd, omdat deze niet door de Belastingdienst zijn gedaan. De belastingrente is niet betwist met een gegrond juridisch argument.
Gelet op deze overwegingen verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag zoals opgelegd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2015 wordt ongegrond verklaard.