ECLI:NL:RBDHA:2022:6221
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens veilig land van herkomst Armenië en onvoldoende medische noodzaak
Eiser, van Armeense nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in die door de staatssecretaris werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De staatssecretaris achtte Armenië een veilig land van herkomst en vond dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij persoonlijk risico liep op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer.
Eiser voerde aan dat hij vanwege ernstige medische klachten en de hoge kosten van noodzakelijke zorg in Armenië niet veilig kon terugkeren. Hij stelde dat de medische zorg feitelijk niet toegankelijk was en dat hij een reëel risico liep op onmenselijke behandeling. De rechtbank stelde vast dat de noodzakelijke medische zorg aanwezig is en dat eiser kan reizen mits met voorzieningen. Ook bleek uit het BMA-advies dat een levertransplantatie nog niet actueel was.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende had onderbouwd dat Armenië voor hem persoonlijk onveilig is en dat zijn medische situatie geen grond vormt voor uitstel van vertrek. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Armenië als veilig land van herkomst geldt en eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk risico loopt bij terugkeer.