Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het verlenen van een omgevingsvergunning aan vergunninghoudster voor het wijzigen van de indeling, het maken van constructieve doorbraken, trappen en het plaatsen van een extra bouwlaag ten behoeve van vijf nieuwe woningen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld en overwogen dat het primaire besluit binnen de wettelijke beslistermijn is genomen. Het bouwplan voldoet naar voorlopig oordeel aan het bestemmingsplan, ondanks afwijkingen in de toelichting, en de adviescommissie heeft geen onjuiste informatie gebruikt.
Verder is vastgesteld dat de parkeerbehoefte adequaat is opgelost met parkeerplaatsen binnen de toegestane loopafstand en dat de omgevingsvergunning niet in strijd is met andere relevante wet- en regelgeving, zoals het Bouwbesluit en de Wet Milieubeheer.
Gelet op deze overwegingen en het ontbreken van gegronde bezwaren, concludeert de voorzieningenrechter dat het bestreden besluit naar verwachting stand kan houden en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.