ECLI:NL:RBDHA:2022:6419
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.G. Meerder
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepassing kostendelersnorm bij bijstandsuitkering ondanks medische situatie dochter
Eiser ontvangt sinds 2013 een bijstandsuitkering en woont met zijn echtgenote, twee kinderen en de moeder van zijn echtgenote op hetzelfde adres. De uitkering werd in 2015 aangepast naar toepassing van de kostendelersnorm voor drie personen. Na het bereiken van de leeftijd van 21 jaar door de dochter van eiser, heeft verweerder de kostendelersnorm herzien naar vier personen, waardoor de uitkering van eiser werd verlaagd.
Eiser maakte bezwaar tegen deze herziening omdat zijn dochter vanwege ernstige tinnitus en psychische klachten volledig thuis zit, geen opleiding volgt en niet in staat is een inkomen te verwerven of een uitkering aan te vragen. Hij stelde dat de kostendelersnorm daarom niet op haar toegepast zou moeten worden.
De rechtbank oordeelde dat de wetgever met de kostendelersnorm beoogt rekening te houden met het aantal personen dat in dezelfde woning woont, ongeacht of de kosten daadwerkelijk gedeeld worden of de personen bijdragen. De medische situatie van de dochter leidt niet tot een uitzondering op de toepassing van de kostendelersnorm.
Daarom heeft verweerder terecht de dochter meegeteld als kostendeler en is het beroep van eiser ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de toepassing van de kostendelersnorm op de bijstandsuitkering van eiser.