ECLI:NL:RBDHA:2022:6778
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep niet tijdig genomen besluit op bezwaar afgewezen
Vleeswarenfabriek B.V. stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De rechtbank had dit beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijke laattijdige indiening. Vleeswarenfabriek B.V. stelde verzet in tegen deze beslissing.
De rechtbank overwoog dat hoewel de beslistermijn was verlengd tot 14 september 2020, het beroep pas op 1 juni 2021 werd ingediend, wat ruim acht maanden later is. Tevens werd pas vijf maanden na indiening navraag gedaan bij de rechtbank over de stand van zaken. De rechtbank oordeelde dat dit evident onredelijk laat was en dat het beroep daarom terecht buiten zitting niet-ontvankelijk werd verklaard.
Vleeswarenfabriek B.V. betoogde dat zij nog hoop had op een besluit en dat het beroep niet aan een termijn gebonden is, maar de rechtbank verwierp dit en bevestigde dat het verzet ongegrond is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en de uitspraak is in het openbaar gedaan op 19 juli 2022.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op bezwaar is ongegrond verklaard.