ECLI:NL:RBDHA:2022:7014
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bewonersparkeervergunning voor mantelzorger in appartementencomplex met eigen parkeergelegenheid
Eiseres woont in een appartementencomplex met een eigen parkeergarage en beschikt samen met haar echtgenoot over één parkeerplaats. Zij heeft een tweede bewonersparkeervergunning aangevraagd omdat zij als mantelzorger voor haar rolstoelafhankelijke zoon, die elders zelfstandig woont, een tweede auto nodig heeft. Het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk heeft de aanvraag afgewezen op grond van het beleid dat bewoners met een eigen parkeervoorziening geen tweede vergunning krijgen, tenzij zij mantelzorg ontvangen.
Eiseres voerde aan dat haar mantelzorgtaken, waaronder frequente bezoeken en vervoer naar het revalidatiecentrum, een uitzondering rechtvaardigen. De rechtbank overweegt dat het beleid van het college niet onredelijk is en dat eiseres niet heeft aangetoond dat haar situatie zodanig bijzonder is dat een uitzondering op het beleid gerechtvaardigd is. Ook is niet gebleken dat het vergunningstelsel onrechtmatig of in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel is ingevoerd.
De rechtbank concludeert dat eiseres in redelijkheid haar eigen parkeerplaats kan delen met haar echtgenoot en dat het college terecht heeft geweigerd een tweede bewonersparkeervergunning te verstrekken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tweede bewonersparkeervergunning wordt ongegrond verklaard.