ECLI:NL:RBDHA:2022:7230
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toestemming vakantie en omgangsregeling minderjarige tussen ouders
Partijen, ouders van een minderjarige, zijn in geschil over vakantie en omgangsregeling. De vader wenst met het kind een week in Frankrijk door te brengen tijdens de zomervakantie, maar de moeder weigert toestemming. De rechtbank oordeelt dat de moeder onvoldoende feiten heeft aangevoerd die tegen de vakantie spreken en verleent de vervangende toestemming voor de periode van 14 tot 21 augustus 2022. Tevens wordt de moeder verplicht het paspoort of identiteitskaart van het kind tijdig af te geven.
De moeder vordert daarnaast wijziging van de judoles van vrijdag naar maandag en overleg over sportactiviteiten, vanwege praktische bezwaren en haar werk. De rechtbank wijst deze vorderingen af, omdat de moeder het eenhoofdig ouderlijk gezag heeft en dus geen toestemming van de vader nodig heeft voor dergelijke beslissingen.
Partijen zijn het eens geworden over de vakantieperiode en de omgangsregeling wordt voor die week vastgesteld bij de vader. De proceskosten worden ieder door eigen partij gedragen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Vervangende toestemming voor vakantie naar Frankrijk verleend en overige vorderingen afgewezen.