ECLI:NL:RBDHA:2022:7527
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning familie- of gezinslid
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 9 maart 2020, waarin haar aanvraag voor een verblijfsvergunning voor het verblijfsdoel 'verblijf als familie- of gezinslid' werd afgewezen.
Tegelijkertijd verzocht zij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder mondelinge behandeling, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De voorzieningenrechter verwijst naar de uitspraak in zaaknummer AWB 20/1971, waarin het beroep inhoudelijk is behandeld, en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.