Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
[datum huwelijk] 2020;
Rechtbank Den Haag
De vrouw heeft verzocht tot echtscheiding van de man, met wie zij gehuwd was in Irak in 2020. De vrouw heeft de Nederlandse nationaliteit, de man de Iraakse. De man heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat zij rechtsmacht heeft omdat de vrouw haar gewone verblijfplaats in Nederland heeft sinds ten minste een jaar voor het verzoek.
Nederlands recht is van toepassing op het verzoek tot echtscheiding. De rechtbank wijst het verzoek toe omdat het huwelijk duurzaam is ontwricht. De verdeling van de huwelijksgemeenschap wordt vastgesteld volgens de Verordening huwelijksvermogensstelsels. Omdat partijen geen gemeenschappelijke verblijfplaats of nationaliteit hadden, wordt het huwelijksvermogensstelsel beheerst door het recht van de staat waarmee zij de nauwste band hadden, hier Nederland.
De verdeling houdt in dat ieder van partijen het verschil in banksaldi van eigen bankrekeningen tussen de huwelijksdatum en de datum van ontbinding krijgt, zonder verdere verrekening. Er zijn geen andere goederen die tot de gemeenschap behoren. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden bestreden door hoger beroep.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken en verdeling van de huwelijksgemeenschap vastgesteld volgens Nederlands recht.