ECLI:NL:RBDHA:2022:7841
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen Wajong-uitkeringsbesluit na nieuw besluit
Eiseres ontving een Wajong-uitkering die per 1 juni 2021 tijdelijk werd stopgezet wegens het niet meewerken aan re-integratieafspraken. Zij stelde bezwaar in tegen dit primaire besluit. Verweerder nam op 23 juni 2021 een nieuw besluit waarin de uitkering werd hervat omdat eiseres weer meewerkte.
Verweerder verklaarde het bezwaar tegen het primaire besluit niet-ontvankelijk omdat het primaire besluit volgens hem geen besluit meer was na het nieuwe besluit. Eiseres voerde aan dat haar bezwaar mede betrekking had op het vervangende besluit en dat zij nog belang had bij haar bezwaar.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 23 juni 2021 geen herziening was van het primaire besluit maar een nieuw besluit op basis van nieuwe feiten en omstandigheden. Hierdoor verviel het belang van eiseres bij het bezwaar tegen het primaire besluit. De rechtbank verwierp het beroep van eiseres en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.