ECLI:NL:RBDHA:2022:7941
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf wegens ontbreken duurzame gezinsband bij nareis
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met als doel nareis bij haar echtgenoot, de referent, die in Nederland asiel heeft gekregen. De aanvraag werd afgewezen omdat eiseres en referent niet gehuwd waren op het moment van de inreis van referent en onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat zij toen een duurzame en exclusieve relatie hadden die gelijkstaat aan een huwelijk.
De rechtbank heeft het videomateriaal, huwelijksakte en familieboekje als authentiek beoordeeld, maar concludeert dat er onvoldoende bewijs is voor de relatie tussen het verlovingsfeest in 2016 en de inreis in 2019. De rechtbank erkent dat cultuurverschillen en de situatie in het land van herkomst de relatie bemoeilijkten, maar de overgelegde Whatsapp-gesprekken zijn niet vertaald door een beëdigd vertaler en kunnen daarom niet worden meegewogen.
De rechtbank oordeelt dat de aanvraag terecht is afgewezen omdat de feitelijke gezinsband op het peilmoment niet aannemelijk is gemaakt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres wordt vrijgesteld van griffierecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de duurzame en exclusieve relatie op het moment van inreis niet aannemelijk is gemaakt.